#4 Donjon Ter Heyden

Donjon-Ter-heyden-Arenberg-Festival
© vzw Donjon Ter Heyden
© vzw Donjon Ter Heyden

Ook de Donjon Ter Heyden en de Arenbergs hebben een geschiedenis.

                      
Donjon Ter Heyden Arenberg Festival Cfdab44B847432E5Ad380789C920Cedc
© vzw Donjon Ter Heyden
                  


Het Hof Ter Heyden ontstond in de 13de eeuw als een ontginningshoeve met walgracht in een met heide begroeide zone op de rand van de Wingevallei en was een belangrijke achterleen van de heerlijkheid Rotselaar. In 1867 kocht hertog Engelbert August van Arenberg (+ 1875) Ter Heyden, wellicht omdat hij meende dat de donjon een restant was van de (inmiddels al lang verdwenen) burcht van de heren van Rotselaar. De aankoop paste in het streven van de hertogen van Arenberg om delen van het oude familiepatrimonium dat zij tijdens de Franse Revolutie waren kwijtgespeeld, weer in handen te krijgen. Zo had hertog Prosper Lodewijk van Arenberg in 1842 reeds de watermolen van Rotselaar opnieuw weten te bemachtigen.

In 1869 gaf de hertog aan Theodoor Smedts, een belangrijke boer uit Rotselaar, de toelating om in het Hof Ter Heyden een brouwerij te installeren: die begon haar activiteiten als brouwerij ‘De Toren’. Het jaar daarop startte de hertog een belangrijke restauratie van de donjon (1870-1877). Hij kwam herhaaldelijk persoonlijk per koets vanuit Heverlee de werken bekijken. Uit die periode dateren de parementen op de kruisarmen in afwisselend witte zandsteen en ijzerzandsteen. De ijzeren windvaan op de peerspits draagt nog steeds de drie mispelbloemen van het wapen van Arenberg. Via zijn dochter Ludmilla van Arenberg (1870-1953) kwam Ter Heyden in 1875 in handen van Ludmilla’s echtgenoot, hertog Karl Alfred van Croÿ. Diens zoon, hertog Karl Rudolf van Croÿ, verkocht in 1909 Ter Heyden aan brouwer Denis Smedts, de zoon van Theodoor.